Deel

Column Rob Hoogland: Zelfs in Egmond aan Zee kan er worden gepolderd

Egmonders zijn ook mensen

Column Rob Hoogland: Zelfs in Egmond aan Zee kan er worden gepolderd

Gelukkig, het staat er weer. Het hóórt er ook te staan, als je het mij vraagt. En dat terwijl het er tot een paar jaar terug helemaal niet stond. Kejje nagaan.

Wat zit de Dwaas van Rinnegom nou weer te wauwelen, denkt u nu natuurlijk. Ik zal u meteen uit de brand helpen: ik heb het over het reuzenrad op het parkeerterrein aan de Boulevard Zuid. Het Europa Rad, zoals het officieel heet. De kermisattractie die vorig jaar maandenlang mocht blijven staan en Egmond aan Zee daarmee een extra feestelijke uitstraling gaf. Exploitant Jan Vallentgoed was blij dat hem dat gegund werd. Tijdens de toen geldende lockdown kon hij immers nergens anders terecht. Dit seizoen wilde hij er om dezelfde reden weer gaan staan maar hielden enkele omwonenden hem middels het indienen van een bezwaarprocedure tegen omdat het rad in hun ogen hun uitzicht verpestte.

Zelfs in Egmond aan Zee kan er worden gepolderd, zo bleek daarna. Al duurde het best lang: pas eind juni werd een compromis gevonden. Andere locatie, op hetzelfde parkeerterrein maar 25 meter zuidelijker, 90 graden gedraaid, pal naast het reddingstation van de KNRM, tegenover de strandopgang bij Nautilus (als ik tot mij laat doordringen hoeveel ambtelijke vergaderingen er nodig zijn geweest om dit te bereiken breekt het angstzweet mij uit). Volgens mij ondervinden nu andere omwonenden er dientengevolge enige hinder van, maar zij hebben geen bezwaren geuit. Zo zie je maar weer dat de ene mens de andere niet is. Daar waren ze in het derp uiteraard allang achter, maar ik meld het toch even. Geloof het of niet, Egmonders zijn ook mensen.

Eigenlijk best raar dat ik mijn vreugde over de terugkeer van de attractie niet onder stoelen of banken steek. Zelf zal ik namelijk nooit van z’n leven in een van de 24 gondels gaan zitten. Ben je helemaal bekotebikkerd. Dat ding is 38 meter hoog. Als ik in een bord soep kijk heb ik al hoogtevrees. Best lastig als je dik twee meter lang bent, maar dat is mijn probleem, niet het uwe. Ik ben dus vooral blij voor de medemens. Voor mijn dorpsgenoten én voor de toeristen, die bij mooi weer veelvuldig in een gondel stappen. Het uitzicht over de Noordzee en de duinen moet weergaloos zijn, daarboven.

Trouwens, nu we het er toch over hebben: denkende aan een zaak die mijn bollenkwekende buren terecht nogal beroert, borrelt er ineens een idee in mij op. Nodig wethouder Klaas Valkering uit om in zo’n gondel plaats te nemen. Laat Jan Vallentgoed het rad stilzetten op het moment dat de gondel van Klaas het hoogste punt heeft bereikt. En laat ‘m daar net zo lang hangen totdat hij ermee akkoord gaat dat de drie clubs na hun fusie gewoon op het Zeevogels-complex gaan voetballen en dus niet op de bollenvelden langs de Egmonderstraatweg, oftewel de locatie die Valkering nu voor ogen heeft. Scheelt bovendien een miljoentje of zes, zeven.

Ik wil de brief naar de Raad van State desgewenst wel voor Klaas schrijven.

“Geachte voorzitter,
Laat maar zitten die uitspraak, ik ben eruit. Ik erken dat het van bestuurlijke idiotie en verregaande geldverkwisting zou getuigen om op de ene plek bollenvelden in voetbalvelden te veranderen en op de andere plek voetbalvelden in bollenvelden te veranderen, louter en alleen om op basis van archaïsche sentimenten een voetbalfusie mogelijk te maken. Die fusie gaat door, daarover geen misverstand. Verder laten wij alles bij het oude en gaan wij over tot de orde van de dag.

Met vriendelijke groet,
Klaas Valkering,
wethouder gemeente Bergen.”

Zoiets, dan maar?

Lang leve het Europa Rad!

 

Meer 'Columns':

Column Hanneke Mooij: Lampie

24 september 2021

De Agebinners onder ons weten het al

Waar het idee door ontstaan is, is me eerlijk gezegd een groot raadsel. Het zal wellicht in een moment van complete verstandsverbijstering zijn geweest. Of ik had een wijntje te veel op. Dat zou namelijk ook heel goed kunnen. Hoe het ook zij, feit is dat ik ineens bedacht had een hoepel te moeten kopen. Gewoon, een ouderwetse hoepel om mee te kunnen hoepelen. En dat niet eens zozeer voor de lol, maar daadwerkelijk als oefening teneinde die zo felbegeerde wespentaille te verkrijgen. IJdele hoop hoor ik u denken en zeer waarschijnlijk heeft u het bij het juiste eind. Maar toch, de wanhoop enigszins nabij, blijf je toch van alles proberen om aan een - kennelijk al overheersend ideaalbeeld – alles maar dan ook alles uit de kast halen om er als een soort Barbie uit te zien.

Column Marion van Dam: Beschaving

24 september 2021

Heel eerlijk? Ik ben een wildplasser

Kort geleden fietste ik over de Woudweg richting het strand en bereikte hijgend en zwetend de hoge duintop, waar het altijd ferm tegenop trappen is. Ik haalde de voeten van de pedalen en liet mij moeiteloos downhill zoeven. Op hetzelfde moment zag ik vanuit mijn linkeroog een Exmoorpony aan komen galopperen die binnen enkele seconden vóór mij het fietspad zou kruisen. Waanzinnig mooi! Het leek wel een film in slowmotion, zo sierlijk bewogen de benen en wapperden de manen. Ik schrok me dan ook wild toen ik plots werd ingehaald door een pijlsnelle mountainbiker.

Column Peter de Waard: Burgemeester Bakker

17 september 2021

Het was blijkbaar nog appeltje-eitje

'Vroeger zag de wereld er voor bankiers simpel uit. Criminelen waren herkenbaar aan een streepjesshirt, ongeschoren gezicht en zwart masker - zoals Snuf en Snuitje ('m-m-mooie p-p-parels, f-f-fijne p-p-parels') uit Pipo of de Zware Jongens uit Donald Duck. De overige klanten waren nette mensen met een betaalrekening, spaarrekening en, bij uitzondering, een effectenrekening.'

Column Joke Kolkman: Vredesweek

17 september 2021

Naar wie breng ik een schoof?

In verschillende plaatsen in ons land wordt er volgende week aandacht geschonken aan de vredesweek. Het thema voor dit jaar is: Inclusief samenleven! Er zijn verschillende bijeenkomsten, symposia en activiteiten om stil te staan bij de betekenis van vrede. Het lijkt al heel lang geleden dat zoveel mensen zich bezig hielden met het vraagstuk van oorlog en vrede. Het is al zo lang geleden dat er grote groepen mensen actie voerden tegen atoomwapens. Is het onderwerp nu nog steeds van belang? Of is het een vraag van overjarige hippies?

Column Marion van Dam: Doorzethumeur

10 september 2021

Eén vinger leek mij voldoende

‘Heb je al vakantie gehad?’, vraagt mijn kapster. Mijn haar kwam na weken zon en zout halfdood thuis dus een knipbeurt was onontkoombaar.

Column Baldi: Geveltoerist

Het is duidelijk wie er in “charge” is

Het weer moet een beetje meewerken, maar als dat gebeurt dan zien de oplettende voorbijgangers het in de Voorstraat van Derp. De volgende fase in vele gezinsrelaties. De Voorstraat is ingericht als koopjes paradijs voor mensen die op zoek zijn naar nieuwe kleding of leuke hebbedingetjes. Even de bakker, het ontbijt, de delicatessen en de slijterij buiten beschouwing gelaten.

Column Els Rosenmöller: Schakelen

3 september 2021

Ik schrik, een vrouw van mijn leeftijd

Er werd gebeld uit ziekenhuis Alkmaar of we plek hadden voor een opname. Ik ga in de ‘regelstand’ en vraag gegevens. Het gaat om Selma Stereen, met longkanker en uitzaaiingen in de hersenen. Ik schrik. Deze vrouw van mijn leeftijd. Al weet ik als geen ander dat de dood geen rekening houdt met leeftijd, moet ik toch even schakelen voordat ik de ‘regelstand’ weer oppak.

Column Rob Hoogland: Dit is Hooglandje pesten

3 september 2021

Ich bin ein Rinnegommer!

En dan nu, lieve Egmonders, de kwestie Rinnegom. Hoogste tijd dat daar nu eindelijk eens een oplossing voor wordt gevonden. Ik ging er nota bene al in 1986 wonen en er is nog steeds niks aan gedaan. Het is een regelrechte schande. Ich bin ein Rinnegommer!

Column Gerard Zonneveld: Mijn moeder

27 augustus 2021

Haar taak op deze aarde had ze meer dan volbracht

Het is deze week twee jaar terug dat mijn moeder is overleden. Zij is 93 jaar geworden. Een prachtige leeftijd natuurlijk. Niets om je druk over te maken zo lijkt het. En zo is het eigenlijk ook. Als iemand zo oud is weet je dat het een keertje ophoudt. Maar het is je moeder en die wil je nooit kwijt en zeker die van mij niet. En toch had ze, achteraf gezien, ook op haar 92e dood mogen gaan. Het laatste jaar was, ondanks inspanningen van velen, geen pretje voor haar. Ouderdom komt met gebreken. Bij mijn moeder was dat zowel geestelijk als lichamelijk. De grote stuwende kracht achter ons gezin moest beetje voor beetje terrein prijs geven. Zij die eigenlijk altijd vader én moeder voor ons was geweest. Onze vader kon dat, door allerlei omstandigheden, vaak voor ons niet zijn. In plaats van alles zelf regelen en doen had ze al meer steun en hulp nodig in een wereld die voor haar alsmaar kleiner werd.

Column Jan Houtenbos: Verkeerstekens

27 augustus 2021

Ziet u al die borden als u op de Herenweg rijdt?

Kijk op straat eens om u heen. Kijk eens hoeveel verkeertekens er zijn aangebracht. Of hoeveel verkeersborden er staan. Het gaat dan met name om de verkeerstekens en -borden in de bebouwde kom. Er is een grote verscheidenheid aan borden en tekens die u waarschijnlijk nooit eerder zijn opgevallen. Je rijdt of fietst door je dorp en opeens valt het je misschien op dat na elke zijstraat het desbetreffende verkeersbord opnieuw is geplaatst. Ik neem als voorbeeld de Herenweg na elke zijstraat staat daar het bord 'voorrangsweg' ( voor de kenners bord 'B01'). De voorrangsweg wordt nog eens verduidelijkt door de haaientanden op het wegdek. Maar ziet u al deze borden als u op de Herenweg rijdt?

Column Wills; waar gaat het verkeerd?

20 augustus 2021

De kunst van het liefhebben

Beste Wills: Ik heb iemand leren kennen bij wie ik vanaf het begin het gevoel had: “Ja, zo hoort het te zijn!” Ik ben al 39 maar heb me nog niet eerder zó thuis gevoeld. De wereld zou er, denk ik, op vooruitgaan als iedereen elkaar zo zou behandelen als zij mij en ik haar. En toch weet ik, als ik naar mijn eigen relatiegeschiedenis kijk en naar de ongelukkige stellen om me heen, dat iedere relatie ooit zo gelukkig begonnen is. Waarom gaat het dan toch zo vaak fout? Kan je dat voorkomen, tegenhouden? Beste Waar-gaat-het-verkeerd? Ah, hoeveel tijd heb je? Na een levenslange carrière in de business van leed en ellende als familierechtadvocaat, mediator, systeem- en partnerrelatietherapeut en ook uit eigen ervaring daarover het volgende. Je kunt zó verliefd op iemand zijn dat alles lijkt te kloppen. Je kunt zó graag een relatie willen dat je je verbeeldt dat alles klopt. En als er dan iets niet blijkt te kloppen, denken: “Ach, niemand is perfect.” Totdat je echt tegen een groot verschil oploopt, de dealbreaker, over kinderen, verdeling van verzorging en opvoeding of financiële debacles, persoonlijkheden, levensfase. Je kunt verliefd zijn totdat het noodlot onverwacht toeslaat en je partner ziek wordt of een andere weg inslaat. De een kan iets doen wat de ander hem of haar niet kan vergeven, conflicten kunnen uit de hand lopen omdat een van beiden, of allebei, de kunde en wijsheid ontbeert om ze te hanteren. De kunst van liefhebben, of beter gezegd Het Ei van Columbus en het Geheim van de Smid samengerold in één vegetarische wrap is: vraag jezelf af wat er overblijft als de eerste spannende verliefdheid eraf is. Is er veel dat vanzelf gaat of is er veel waarvoor je hard moet werken? Is er veel dat je inspireert en voedt, of meer waar je op leegloopt? Werken aan een relatie gaat over naar jezelf kijken, je behoeftes onderzoeken, je zwakheden onderkennen en met vertrouwen jezelf open blijven opstellen. En ... de moed op te brengen om te wachten, totdat je hem of haar die het allemaal zo makkelijk maakt om lief te hebben, tegenkomt. Amen. PS Beste medewerkers van Boekhandel Plukker in Schagen, heel hartelijk bedankt voor jullie hartverwarmende gastvrijheid 6 en 13 augustus 2021.

Column Marion van Dam: Hoeve Wimmenum

20 augustus 2021

Stadse badgasten en ouwe koeien uit de sloot halen

‘Ome Wim, mag deze alstublieft blijven? Hij is zoo lief..’ Ome Wim had het zichtbaar zwaar en dat kwam niet omdat er drie kinderen aan z’n vaalblauwe overall hingen maar omdat er drie smékende kinderen aan z’n vaalblauwe overall hingen. Het was niet leuk ons te moeten zeggen dat het zojuist geboren kalf een genadeloos vonnis wachtte omdat het – balen! – weer een jongetje was. Zo zagen wij al vroeg de schijnromantiek die aan het boerenbestaan kleeft. De boerderij van ome Wim was er een zoals uit een kinderboek. Kikkerslootjes langs de groene weiden, vergane schuren, hooizolders, bedsteeën, een fruitboomgaard en een keur aan beesten. We renden door de weilanden of in de stal tussen de koeien en kenden er tal bij naam en bij karakter. Ras: knuffelkoe. Zo was er Marie, herkenbaar aan de bult onder haar kin. ‘Kijk, dan moet je even hier voelen, ja dit is Marie!’

Column Nico Knol: Te gast ……

13 augustus 2021

Ons oma zei altijd; Ik heb 11 dochters en 11 schoonzoons

Op visite bij een tante en oom van me. Een bijzonder stel, m’n tante is al vele jaren de huisgenote van een priester. Zij verzorgt hem en destijds woonden ze samen op een pastorie, waar zij dan gastvrouw was en het huishouden voerde.

Column Marion van Dam: Worden kent geen einde

13 augustus 2021

‘Wat ik wil worden? Ik dacht dat ik al iets was.’ Zei Toon Hermans.

Na bijna zeven weken avonturen, voeren we op een zonnig middaguur de haven van Vannes binnen. Ik ken de middeleeuwse vestingstad vanaf het binnenland maar zeilend langs de groene eilanden en via de elegante chateautjes verwelkomd worden door de poort van Vannes is van geheel ander kaliber.

Column Rob Hoogland: Zeekoorts

6 augustus 2021

“Ach, ik laat hem maar”

Niet dat ik een ‘gedoemde zwerver’ ben, zoals Slauerhoff zichzelf in zijn gedicht ‘Zeekoorts’ noemt. Maar zonder zee kan ik niet leven. Tijdens al mijn vakanties weet ik haar, waar ook ter wereld, in de directe nabijheid. En vertoef ik in Egmond, sinds 35 jaar een van mijn twee woonplaatsen, dan moet ik haar als het even kan dagelijks zien. Weer of geen weer. Een ware kustjongen, deze meneer. Naarmate de jaren klimmen besef ik dat steeds nadrukkelijker.

Column Els Rosenmöller: Een Prikkie

6 augustus 2021

"Hoe zal het gaan? En wat zal er met mij gebeuren?’’

Hij was een schipperskind en woonde in Hoek van Holland. Om dicht bij zijn dochter te kunnen zijn verhuisde hij na een slechtnieuwsgesprek in het ziekenhuis, plotseling naar ons hospice in Egmond aan Zee.

Column Hanneke Mooij: Hulp

30 juli 2021

Twee enigszins potige vrouwen die mijn kant op beenden

“Nee heb je en ja kun je krijgen”. Een aloud gezegde en er is geen woord aan gelogen. Ik heb het met regelmaat toegepast en geloof mij: dat kan bijzonder leuke momenten opleveren. Zo was er die keer, een jaar of tien geleden, dat ik een stuk of wat creatievelingen op visite zou krijgen van de lokale keramiekclub waar ik zo nu en dan ook iets in mekaar flanste. Vol trots zou ik ze mijn grondig verbouwde paleisje laten zien. Maar een paar uur voordat ze er waren, stond ik me rood en paars te ergeren (voor de variatie even een ander kleurenpalet dan het overbekende groen en geel) aan een onooglijk IKEA-kastje in de keuken en besloot terstond dat die daar weg moest. En wel voordat de rondleiding begon. Realiteit is dat ik alleenstaand ben en het kastje met geen mogelijkheid in m’n eentje kon verplaatsen. Wonende naast een tulpenveld en een buurman die niet thuis was, zag ik mij genoodzaakt het anders op te lossen. Gewapend met mijn elleboogkrukken die ik af en toe nodig heb wegens een dingetje aan m’n been, ben ik zo nonchalant mogelijk een beetje heen en weer gaan lopen op het fiets/wandelpad voor mijn huis. En jawel, na een paar minuten kwam daar de oplossing aangewandeld: twee enigszins potige vrouwen die in stevige stappers mijn kant op beenden. “Dames! Zou ik jullie wat mogen vragen? Ik heb eigenlijk wat hulp nodig…” en ik deed mijn verhaal uit de doeken. Geen enkel probleem, gewillig volgden ze me naar binnen en staken niet onder stoelen of banken hoe mooi ik hier wel niet woonde, met een heerlijk weids uitzicht om fijn bij weg te dromen. Ze wierpen één blik op de kast, keken elkaar aan en binnen een paar minuten was het geval verplaatst naar de rommelkamer. Eén van de verhuizers vond het eigenlijk niet stabiel genoeg en stond erop dit te verhelpen. En nee, ik heb geen aandelen in de Zweedse gigant maar ik haalde mijn IKEA-gereedschapsset tevoorschijn en weer een aantal minuten later waren alle schroeven aangedraaid en stond de boel wat steviger. Voor zover dat tenminste mogelijk is voor meubels van dit bedrijf. Wat wás ik blij met ze, had dat uiteraard al verschillende keren opgenoemd en vroeg of ze zin hadden in thee. Daar hadden ze geen tijd voor, breed lachend wensten ze me veel plezier met de visite die later zou komen en vervolgden hun wandeltocht. Het was niet de eerste en zal ook zeker niet de laatste keer zijn dat ik achteloze voorbijgangers naar binnen lok omdat ik even wat assistentie kan gebruiken. Wie weet leest één van de vele helpers uit het verleden dit wel. Dan nogmaals: dank! De wereld is een mooie plek met zoveel hulpvaardige mensen.

Column Marion van Dam: Borreltijd

30 juli 2021

Het Britse hek bleef op slot

’You have permission to anchor. But do not go ashore, I repeat, do not go ashore!’, klinkt op onze vraag of we mogen ankeren voor de Écréhous, een groep rotseilandjes even ten noordoosten van Jersey. We waren er zo graag heengevaren maar het Britse hek bleef op slot. Met het rubberbootje zochten we ’s morgens heel stout toch even de grens op en zette ik mijn voet - bij wijze van mondkapje in een waterschoentje - aan land. Vervolgens lieten we de hoop varen en zetten koers richting Bretagne.

Column Gerard Zonneveld: 80 cent

30 juli 2021

Sta ik daar ondertussen een beetje ‘grapjes’ om te maken

Het is geen gewoonte van mij om op zaterdagavond nog een boodschappenlijstje af te werken. Deze keer zat het in mijn hoofd en dan moet het gebeuren. Omdat op dit tijdstip de papiercontainer op de Weidjes niet meer open is reed ik door naar Heiloo. Op de eerste rotonde op de Zeeweg zie ik een bekende oranje fiets aankomen met een nog bekender persoon erop; mijn zoon. Ik zet mijn auto stil, draai mijn raam open en ga midden op de weg met hem in gesprek. Wonder boven wonder komt er heel lang niemand achter mij staan en wisselen wij wat nieuwtjes uit. Uiteindelijk is er een andere auto die er door wil en vervolg ik mijn weg.

Column Peter de Waard: Een gouden toekomst

23 juli 2021

Egmond kan schitteren in al zijn lelijkheid

'Het restaurant met de slechtste timing', staat op een bord van een pannenkoekenhuis aan de boulevard in Egmond aan Zee, vlakbij de vuurtoren. Dat is meteen mijn favoriete restaurant. Ik houd van anti-reclame. Toen De Bikkerij aan de Egmonderstraatweg een keer door de culinair recensent van de Alkmaarsche Courant werd neergesabeld en een 3 kreeg, bestelde ik voor diezelfde avond nog een tafeltje. Heerlijk gegeten. Goed doorbakken biefstuk, boterzachte doppertjes en de gaarste bloemkool van Nederland na die van Van der Valk.

Jan Houtenbos: Pleidooi voor een Egmonds ‘zangfietspad’

23 juli 2021

Laat weten wat je daar van vindt!

Hebt u dat wel eens? Het is mooi weer, je fietst door onze mooie gemeente, je zit lekker in je vel en je hebt de neiging om je favoriete lied te zingen. Je wilt net beginnen met zingen maar je ziet iemand aankomen, dus toch maar even niet. Hoe leuk zou het zijn als we in Egmond een “zangfietspad” krijgen? Het is niet echt een origineel idee want verschillende gemeenten hebben al een zangfietspad. Ik kwam laatst een artikel over de zangfietspaden tegen bij de fietsersbond. Zou het ook iets zijn voor de Egmonden? Een plek waar je je niet hoeft in te houden en waar je al fietsend lekker uit volle borst officieel kan (mee)zingen. Fietsen wordt dan nog aantrekkelijker en gezelliger. Het zou toch gaaf zijn als je straks zingend of fluitend op de fiets naar je school, je huis of je werk kan gaan. Vind je het een leuk idee en weet je misschien al een geschikt toekomstig “zangfietspad” stuur dan een e-mail naar de redactie van 'Flessenpost uit Egmond'. Bij voldoende belangstelling zal ik het onder de aandacht van het gemeentebestuur brengen.

Column Joke Kolkman: Spullen en herinneringen

16 juli 2021

Verhuizen is niet mijn hobby

De afgelopen weken zijn wij, mijn man en ik, verhuisd vanuit Arnhem naar Egmond aan Zee. Het was en is een hele klus om allereerst alle spullen in dozen te pakken en om ze nu allemaal weer uit te pakken. Verschillende mensen in Arnhem zagen de dozen staan en verzuchtten: “Wat ben ik blij dat ik niet hoef te verhuizen!”. En de mensen hier in Egmond zeggen hetzelfde als ze na een paar weken zien dat het huis nog niet af is.

Column Marion van Dam: Bij een doel, krijg je de wind in de smoel

16 juli 2021

Het arme mens heeft niet kunnen navertellen hoe zij haar zeemansgraf inrolde

Het is een gezegde en de betekenis laat zich raden. Trek een strak plan, dan loopt het geheid anders. Ik hoorde ‘m van een doorgewinterde zeilster uit Sneek. Ons doel was aanvankelijk zeilend naar Isles of Scilly tot we dreigden Engeland niet binnen te mogen. Change of plans. Eerst maar koers richting Normandië en dan het schiereiland Bretagne. We hebben tenslotte de tijd aan onze kant.

Column Nico Knol: En zo vriendelijk….

9 juli 2021

Corona-ellende voorgoed achter de rug?

Toen de leeftijdsgroep van 1969 aan de beurt was kreeg ook ik zo'n mooie brief van de overheid met een uitnodiging om me te laten vaccineren tegen het beruchte virus.

Column Hanneke Mooij: Brandweerkitten

2 juli 2021

Het gebeurde allemaal zó snel

Met een tas vol heerlijke producten en een paar waardebonnen babbel ik nog even met de vriendelijke eigenaar van ’t Winckeltje. Had zijn naam wel zo hier en daar opgevangen maar had er eigenlijk nooit een gezicht bij. En dat mis ik dan. Ik ga dan – een beetje onbewust – zelf een beeld bedenken bij een naam. In dit geval draagt hij dezelfde achternaam als mijn tandarts dus ging ik die twee als het ware een beetje koppelen. Dat is dan natuurlijk weer niet helemaal eerlijk. Want dat zou voor vreemde situaties kunnen zorgen. Bijvoorbeeld met wijd opengesperde mond door de alleraardigste mijnheer in het wit laten controleren of ik wel braaf minimaal tweemaal daags mijn tandjes poets. Waarbij ik dan lig te chillen in de tandartsstoel, watertandend de lekkerste nootjes, bijzondere inheemse kazen met onuitspreekbare namen en overheerlijke druivensappen waar alcohol aan toegevoegd is aan mijn geestesoog voorbij zie gaan.

Column Els Rosenmöller; Later? Dat is voor later…

2 juli 2021

Gré houdt van avontuur. Voordat haar man Thomas 3 jaar geleden overleed, gingen ze er vaak samen op uit met de camper. Zijn handicap deerde haar niet. Ondanks haar eigen sluipende ziekte genoten ze samen van de reizen. Nu 3 jaar later, nog in rouw na het overlijden van Thomas, nam ziekte de overhand en strandde haar avontuurlijke leven bij ons in het hospice. De ziekte uit zich mede in genadeloze pijn, niet meer met paracetamol te verhelpen. Vrijwilligers masseren haar heup, haar handen, iedere week weer. Het leidt af, geeft steun, het helpt. Haar zoon en kleinzoon komen vrijwel iedere dag vanuit Friesland op bezoek. Het kan zomaar voorbij zijn, dus ze koesteren ieder moment samen. Nieuwe herinneringen maken, daar gaan ze voor. Gré begint zich thuis te voelen bij ons, al is het een uitdaging om ca 50 vrijwilligers in de week mee te maken: ’Heb je lekker geslapen?’, ‘Wil je wat eten’, ‘Wil je naar buiten of nog koffie?’ De vrijwilligers bewegen op een fantastische manier mee. Dan zijn er de gasten van de andere kamers. Ze komen vaak voor een korter verblijf en worden dan met een mooi ritueel uitgeleide gedaan. Een bizarre realiteit. ‘Ik ben vast de volgende’ zegt ze 4x op een rij. Ik heb bewondering voor haar, oud is ze niet. Dan wil je het liefst alles nog zelf doen en onafhankelijk zijn. Dat maakt soms boos en verdrietig en de onmacht knaagt, want hoe accepteer je het komende avontuur? Op een vrijdagmiddag is het huis leeg, Gré en de vrijwilligers drinken op het terras haar favoriete appelsap, vandaag in een wijnglas. Ze kijkt me met pretogen aan: ‘mijn bloeduitslagen zijn goed’. Daar wordt op gedronken. ‘Maar wat nu?’ zegt ze direct nerveus. ‘Ik kwam hier toch met een reden? Blijkbaar ben ik nog niet aan de beurt.’ Haar gedachten schieten alle kanten op. Ze zoekt in het doolhof van onzekerheden naar een uitgang met zekerheid. Ze zoekt en voelt ruimte voor nog één avontuur; haar zoon en kleinzoon bezoeken in hun nieuwe huis in Leeuwarden. Een vrijwilliger met jaren verpleegkundige ervaring wil haar naar Friesland vergezellen; haar man kan hen rijden. Het avontuur wordt praktisch en medisch goed voorbereid. Gré gaat zelf met een andere vrijwilliger nieuwe kleren kopen om chique en comfortabel “haar alles” in Friesland te bezoeken. Het werd een bijzondere dag; Gré genoot en straalde nog dagenlang. Wij trouwens ook. Even is er rust, even lijkt alles gewoon. Maar dan dienen zich nieuwe bulten en nieuwe pijnen aan. We blijven proberen alle moeilijkheden weg te ademen en Gré heeft nieuwe plannen. Nu een dinertje hier in huis. Ik geef haar een mooi schriftje om met de organisatie te beginnen. Met dierbaren het leven vieren aan tafel, de maaltijd delen en iedereen te verzoenen met wat is, in het hier en nu. Hoe mooi kan het zijn! Later? Dat is voor later. Els Rosenmöller, Coördinator Hospice Egmond 30 juni 2021

Column Marion van Dam: Je doet het he-le-maal verkeerd

25 juni 2021

Ik heb ook een wijze. Een eigen wijze

Met schop, bamboestokken, sisaltouw en zaden, stappen we de tuin in. We gaan bonen zaaien. De rabarber, bessen en aardbeien zijn zelf al begonnen. Hij die iedere bol, knol en bloem met aandacht en liefde overlaadt, is gaan zitten op een tuinbank die bijna instort, sluit de ogen en koestert zich in de zon. “Is het de bedoeling dat ik het alleen ga doen?”, vraag ik. Hij glimlacht en laat via wat armbewegingen zien waar en hoe en ik neem de schop ter hand. Bij de eerste trap in de aarde hoor ik achter mij: "Wacht even, dat doe je helemaal niet goed.” Ik reik hem de schop. “Hier, doe het zelf maar”. En niet om het een of ander maar nog geen half uur later is de klus geklaard en kan alles de grond in. Hij is de professional. Zijn wijze is de beste, nee de enige. Daar krijg je geen wissel meer op.

Column Wills: ben ik asociaal?

25 juni 2021

Beste Wills: Ik word dit jaar 63 en merk dat de gesprekken met familie, vrienden, bekenden en collega’s steeds vaker gaat over ziektes en doodgaan. Als we bij elkaar zijn begint er altijd wel iemand over die-en-die die heel ziek, stervende of overleden is. Vaak volgt er dan een zwartgallige competitie van wie het treurigste verlies geleden heeft, met de meest hartverscheurende en beeldende details. Mijn ouders, een broer en een schoonzusje zijn al overleden, maar ik zou nooit in detail vertellen over hun dood in een koetjes en kalfjes gesprek in een gemengd gezelschap. Vlak voor een concert of bij de kassa wil ik al helemaal niet horen hoe een tante de strijd tegen kanker verloren heeft. Hoe kan ik hiermee omgaan zonder asociaal te zijn? Volgende vraag: Ben ik asociaal? Beste asociale: Asociaal zou ik je niet noemen, eerder intolerant. Misschien herinner je je nog hoe je leven eruit zag 30 jaar geleden, toen trouwen, huizen kopen, zwangerschap en kinderen, carrière en autoritaire leidinggevenden het gesprek van de dag waren. Ook toen waren er mensen die in detail vertelden over de bevalling, ontslag of affaires en ik durf te wedden dat het dezelfde mensen zijn die nu graag over ziektes en dood van hun geliefden praten. Maar het gaat hier niet voor iedereen over koetjes en kalfjes, voor de vuist weg wat aankletsen als je gesprekspartners jou vertellen over hun leven. Wat voor jou een competitie is, is voor anderen verbinding zoeken en met elkaar en delen in voor- en tegenspoed want: “That which is shareable is bearable”. Ongewild geïnformeerd worden over (nare) medische details van een volstrekt onbekende is het ene uiterste qua wenselijk, maar iedereen die zijn hart wil uitstorten over zijn (al dan niet geliefde) ouders, broer, zus, partner, vriendin die overleden is of ziek, mag naast mij komen zitten. Jij ook. Jíj kunt als het je teveel wordt proberen voorzichtig van onderwerp te veranderen. ”Wat erg voor je wat je me allemaal vertelt. Ik herinner me dat jullie dit jaar met de camper weg zouden gaan, klopt dat? Kan dat nu nog doorgaan?” Of verleg vriendelijk de aandacht door vragen te stellen over het leven van de zieke of overledene, zoals waar en hoe ze woonden en leefden, in plaats van hun lijden of sterven. Zie je jezelf zoiets zeggen? Dan verdien je sowieso punten voor de moeite, ongeacht de resultaten. www.beter-samen.nl Nu ook praktijk in Heiloo op vrijdag en/of zaterdag.

Column Jan Houtenbos: Een nieuwe brouwer

18 juni 2021

Sebastiaan groeide op boven en in een brouwerij

Elke Egmonder weet inmiddels wel dat we in Egmond een eigen brouwerij hebben gevestigd op De Weidjes in Egmond aan den Hoef. Brouwerij Egmond is onder andere brouwer van Sancti Adalberti abdijbieren. Wat u misschien niet weet is dat we sinds kort er een brouwer bij hebben. Vorige week heb ik nader kennis mogen maken met Sebastiaan Hoffmann. Terwijl Sebastiaan nog bezig was met een rondleiding door de brouwerij zat ik te genieten van een 'Egmondse Blonde' op het terras voor de brouwerij. Het was Sebastiaans eerste interview als brouwer. Met zijn 28 jaar is Sebastiaan zeker de jongste brouwer in Egmond.

Column Peter van Vleuten: Willem Schoone

18 juni 2021

Bassist van Shoreline is de absolute rockstar

In mijn boekenkast staan diverse bio’s van artiesten die ik bewonder of die ik in ieder geval fascinerend genoeg vind om er meer over te weten. Ik heb de levensverhalen van Elvis, Clapton, Keith Richards, Bruce Springsteen en Bob Dylan staan, evenals de verzamelde teksten van Huub van der Lubbe, Hemelrijk van Thé Lau en nog een eindeloze reeks fijne boeken. Over Willie Nelson, Kris Kristofferson, Waylon Jennings, Johnny Cash, Dolly Parton, Chet Atkins en andere muziekgrootheden. Plus nog de nodige bundels en koffietafeluitgaves over de jazz, de blues en meer. En verder twee boeken die in hun geheel alléén maar gaan over – ja echt waar – één specifieke song van mijn favoriete songwriter, Jimmy Webb. Eentje alleen over zijn song Wichita Lineman en eentje uitsluitend over zijn ‘suite’ Mac Arthur Park.

Column Rob Hoogland: ‘Terug naar de kust’

11 juni 2021

“Zullen we teruggaan?”, had hij gevraagd. “Ja”, zei zij

Dit lazen ze, op die vermaledijde groepsapp: “De meneer van nr. 78 doet aan hardlopen!” En toen wisten ze het zeker: weg hier, zo snel mogelijk. Terug naar Limmen, naar Egmond, naar de zon en de zee, naar het licht en de vrijheid, naar het mooiste zandstrand van Nederland, naar Zilverzand. Een half jaar woonden ze in Leusden. En nu zijn ze alweer terug.

Column Hanneke Mooij: Drift

4 juni 2021

Je barst zowat uit je vel van energie

Zo’n vijf weken geleden begon het. Zonder waarschuwing vooraf, totaal onaangekondigd maar o zo welkom. En als ik zo ’s om me heen hoor, ben ik niet de enige bij wie het zich zo plotseling vanuit het totale NIETS (jazeker, met hoofdletters, om even te benadrukken hóe welkom het is!) aandient. En zijn al die mensen er openlijk nèt zo blij mee als dat ik dat ben. Want je kunt ’t plannen maar op de een of andere manier zijn er altijd wel smoesjes te bedenken om het vooral niet te doen. Dus als ie er dan eenmaal is, moet – en wíl! – je ‘m met beide handen aangrijpen: de OPRUIMDRIFT. En ook hier typ ik het bewust met hoofdletters. Of het een typisch vrouwending is, laat ik in het midden – ik wil vooral de mannen die zich in het profiel herkennen niet voor het hoofd stoten – maar ik heb toch wel het appeltjesgroene vermoeden dat het hormonaal aangestuurd wordt. Die opruimdrift. Geen opruimwoede want dat klinkt meteen weer zo agressief en daar zit niemand op te wachten.

Column Marion van Dam: Mit oder ohne

11 juni 2021

Veertien jaar jong en van alles nodig

”Bezahlen! Mädchen, warte eine Minute! Du bekommst einen tipp.” Deze lange iele puber bleef ongemakkelijk naast het koffietafeltje staan terwijl de Duitse hand twijfelachtig in de portemonnee vingerde voordat hij besloot hoeveel muntjes het serveren van de sorbets waard was. En het duurde en het duurde. Ik weet nog dat ik dacht: “Kan ik hier door de grond?”

Column Els Rosenmöller; Gedreven bedrijvigheid

11 juni 2021

Wat zal de dag brengen?

Het is iets voor 08.30 uur als ik Hospice Egmond binnenloop. Het is stil, in de huiskamer brandt nog een klein lichtje, de nacht heeft plaats gemaakt voor het ochtendgloren. Wat zal deze dag brengen? Patricia loopt ons kantoor binnen, al sinds 07.00 uur druk in de weer. Ze heeft samen met haar collega vrijwilliger meneer Stroe opgefrist. ‘Dat is toch fijn na een nacht die voor hem zo lang leek, hij zit nu heerlijk aan het ontbijt’. Ze vertelt hoe haar collega bij onze gast in kamer 3 is; hij klampt zich angstvallig vast aan het leven, loslaten valt niet mee. Je afvragen waar het leven je uiteindelijk brengt is voor ons allemaal een grote vraag. Onze aanwezigheid maakt dat hij zich minder alleen voelt. ‘Goh’, denk ik, ‘wat fijn dat hier tijd en aandacht voor is’. Patricia vraagt of ik koffie wil. Ik loop met haar mee naar de keuken als de telefoon gaat. Een huisarts uit Egmond aan Zee vraagt of we plek hebben. Natuurlijk willen we graag plek maken voor de mensen uit Egmond, maar de drie grote kamers zijn al bezet. Dan maar de logeerkamer gebruiken? Voor deze gaste met al veel thuiszorg, met nu een snelle achteruitgang in haar ziekteproces, waar de zorg te veel wordt voor haar familie, is dit een fijne oplossing. Meer rust, minder spanning. Mijn ervaring leert dat ware nabijheid zonder teveel zorg zo welkom is in deze laatste levensfase. Ik overleg telefonisch met mijn collega Barbara of het praktisch haalbaar is, voor de vrijwilligers, qua corona en vooral voor de gaste zelf. Er is veel om aan te denken. Als ik ophang staat er een Café Latte voor mijn neus, die maakt niemand lekkerder dan Elize. Ze is al bij de groothandel geweest en duikt nu achter de computer voor de noodzakelijke paperassen. Inmiddels bel ik een vrijwilliger of ze kan helpen kamer 4 klaar te maken voor een nieuwe ontvangst. Ze is er snel en ze heeft verse bloemen in de hand. Ze ziet wat ik denk en zegt lachend: ‘Ik kon het niet laten’ . Ik loop glimlachend de huiskamer binnen waar drie gasten heel gezellig samen met de vrijwilligers van dienst 2 lunchen aan een rijk gedekte tafel. De ochtend is voorbij, de thuiszorg is geweest, de huisartsen zijn gesproken, pijn valt weg, angst maakt plaats voor een veilig gevoel. Eitjes spetteren in de pan. ‘Goh, denk ik weer, ‘wat fijn dat dit allemaal kan’. Er staan verse bloemen in de logeerkamer; ik zie Elize met onze huismeester rondlopen terwijl ik opendoe voor de tuinvrijwilligers. Zij beginnen met een kop koffie op ons kantoor. Later op de dag vraag ik de vrijwilligers van dienst 3 of ze extra handjes nodig hebben nu we een opname krijgen. ‘Geen probleem’. De kleinzoon van Dhr Stroe komt visjes bakken voor iedereen en de kookvrijwilliger zorgt voor de rest van de avondmaaltijd. Barbara schuift ook aan. Dan brengt de ambulance onze nieuwe gast. Nathalie en ik klimmen op het bed, de brancard ernaast en op tel 3 tillen we met het ambulancepersoneel mevrouw in bed. Een warme omgeving van alle gemakken voorzien met fijne, kundige mensen in huis. Na de intake van deze nieuwe gast en haar familie zie ik de nieuwkomers opgelucht ademhalen. Tijd voor mij om naar huis te gaan. Het was een bedrijvige dag. Verwondering, hard werken, bereidheid, eerbied, goede communicatie, fijne samenwerking, verbinding, flexibiliteit, energie en grote gedrevenheid. Hoe mooi dat dit hospice er staat en zich vult met liefde voor de medemens. Els Rosenmöller, Coördinator Hospice Egmond NB: de namen van betrokkenen zijn ivm de privacy gefingeerd.

Inschrijven Flessenpost uit Egmond
Dan spoelt het flesje iedere vrijdag aan in je mail
AANMELDEN
Uw e-mailadres wordt alleen gebruikt voor het versturen van de Flessenpost uit Egmond. U kunt altijd de afmeldlink gebruiken, deze is opgenomen in de nieuwsbrief.
close-link
Terug